Op reis naar zuid afrika is heel leuk.
Je ziet daar veel zon en mooie natuur.
Veel mensen gaan op safari in park.
Daar zie je leeuw en ook een groot dier.
Je ziet soms ook een giraf en een olif.
Die lopen vrij rond in het park.
Een gids helpt bij het zien van dier.
Hij weet waar veel dieren vaak zijn.
In het park is rust en veel ruimte.
Je hoort soms wind en ook vogel zang.
Dat geeft een fijn en rustig gevoel.
Veel toer gaan ook naar zee en strand.
De zee is blauw en soms heel wild.
Je kunt daar ook goed zwemmen en duik.
Soms zie je een haai in de zee.
Maar vaak is het strand ook veilig.
In stad zie je markt en veel kleur.
Je kunt daar fruit en brood kopen.
Mensen zijn vaak heel erg gast vrij.
Ze groet je en helpen je graag.
Je kunt ook veel eten daar proeven.
Er is rijst vis en ook veel vlees.
Soms eet je iets wat je niet kent.
Dat maakt de reis ook heel leuk.
Het land heeft veel taal en cultuur.
Je hoort vaak taal als zulu of afri.
Dat klinkt heel anders dan hier.
Je leert zo veel over dit land.
Ook zie je soms oud en nieuw door elk.
In dorp zie je soms nog oude huis.
Maar in stad zie je ook veel nieuw.
Dat maakt het land heel divers en rijk.
Je kunt ook naar berg en vallei gaan.
Daar zie je mooie ver en wijd land.
De lucht is vaak heel blauw en helder.
In de avond zie je veel ster aan lucht.
Dat maakt de nacht heel stil en mooi.
Een reis daar blijft lang in je hoofd.