no # 6. Getalnotatie
- Getalnotatie
- Sneltoetsen – Getalnotatie
- Downloads
6.1. Getalnotatie
In Excel voer je getallen in zonder eenheden zoals euro’s of procenten. Deze eenheden voeg je toe via de celeigenschappen met Ctrl+1.
In deze opdracht berekenen we de groei van een spaarbedrag door jaarlijkse rente.
Opdracht 6.1 Getalnotaties instellen
Download: Werkmap 6 Getalnotaties
Verken het rekenblad.
- Ga naar cel B10 en stel de getalnotatie in op Financieel met twee decimalen en het Euroteken.
Stappenplan:
- Ga naar cel B10.
- Open de celeigenschappen met Ctrl+1.
- Ga naar het tabblad Getal met Ctrl+Tab.
- Selecteer de categorie Financieel met de pijltoetsen.
- Stel decimalen in op 2.
- Stel het symbool in op het Euroteken.
- Bevestig met Enter.
- Voer in B10 het startbedrag 1000 in en controleer of het Euroteken wordt toegevoegd.
- Stel in B11 de getalnotatie in op Percentage met één decimaal.
- Voer in B11 het rentepercentage 3,5 in en controleer of het procentteken wordt toegevoegd.
Opdracht 6.2 Renteberekening
- Bereken in B14 de rente over het eerste jaar door B10 te vermenigvuldigen met B11.
- Bereken in C14 het totaalbedrag voor het eerste jaar door het startbedrag en de rente op te tellen.
- Bereken in B15 de rente over het tweede jaar door het totaalbedrag van het eerste jaar te vermenigvuldigen met het rentepercentage.
- Bereken in C15 het totaalbedrag voor het tweede jaar door het totaalbedrag van het eerste jaar en de rente van het tweede jaar op te tellen.
Controleer: Het totaalbedrag van het tweede jaar moet € 1071,23 zijn.
- Maak het celadres van het rentepercentage in B15 absoluut door een dollarteken ($) voor de kolomletter en het rijnummer te plaatsen.
- Voer de formule in B15 door naar B23 en de formule in C15 door naar C23.
Controleer: Het eindbedrag na 10 jaar sparen moet € 1410,60 zijn.
Overige getalnotaties
Naast Euro en Percentage zijn er andere getalnotaties die belangrijk zijn:
Cijfers als tekst
Bijvoorbeeld voor telefoonnummers. Excel verwijdert automatisch een 0 aan het begin van een getal. Om dit te voorkomen stel je de getalnotatie in op Tekst.
Opdracht 6.3 Telefoonnummer invoeren
- Voer in A25 je mobiele telefoonnummer in zonder speciale tekens.
- Geef B25 de getalnotatie Tekst en voer je telefoonnummer opnieuw in.
- Voer in C25 je telefoonnummer in met een streepje (bijv. 06-12345678).
Vergelijk de weergave van de telefoonnummers in A25, B25 en C25.
Breuken
Getallen kunnen ook als breuken worden weergegeven. Voorbeeld: het getal 0,5 kan worden weergegeven als 1/2.
Opdracht 6.4: Breuken instellen
- Voer in A28 het getal 0,25 in.
- Stel de getalnotatie van A28 in op Breuk met maximaal twee cijfers.
- Controleer de weergave van A28.
- Vermenigvuldig in B28 de breuk met 5.
Controleer: Hoe wordt het resultaat weergegeven?
Stuur het bestand Werkmap 6 Getalnotatie.xlsx naar je docent of trainer.
6.2 Sneltoetsen – Getalnotatie
| Functie |
Sneltoets |
| Eigenschappen van een cel |
Ctrl + 1 |
| Celadres absoluut maken |
Plaats $ (Shift + 4) voor kolomletter en/of rijnummer |
6.3 Downloads